tuin groot

Praktijkonderwijs werkt!

28 juni 2016

Vervolgstappen inpassing pro in passend onderwijs

Ondersteuningsmiddelen voor pro niet verevenen
De middelen voor lwoo en de ondersteuningsmiddelen voor pro zullen niet gelijk worden verdeeld (verevend) over de samenwerkingsverbanden. De huidige manier waarop de middelen worden verdeeld zal wel aangepast worden, maar het is nog niet duidelijk hoe. Na de zomer zullen hierover gesprekken worden gevoerd met scholen en samenwerkingsverbanden. Lees hieronder wat dit precies betekent voor het pro en de verdere inpassing in passend onderwijs. 

Eindrapport Naar een nieuwe bekostigingssystematiek voor lwoo en praktijkonderwijs.pdf

Bekostiging pro aan samenwerkingsverbanden: hoe zat het ook alweer?
Het bedrag dat pro-scholen ontvangen voor een leerling is opgesplitst in een budget voor basisbekostiging en een budget voor ondersteuningsbekostiging. De school ontvangt beide budgetten rechtstreeks van DUO. Het samenwerkingsverband is wel verantwoordelijk voor het ondersteuningsbudget voor lwoo en pro. Voor elk samenwerkingsverband is hiervoor een maximumbudget vastgesteld. Dit maximumbudget per samenwerkingsverband is nu bepaald op basis van het deelnamepercentage lwoo en pro in 2012. In 2016 zou besloten worden of de middelen voor lwoo en pro verevend zouden worden over de samenwerkingsverbanden.

Waarom niet verevenen?
Uit onderzoek, dat via het NRO is uitgevoerd, blijkt dat de verwachte behoefte aan lwoo en pro niet gelijk is verdeeld over het land. De onderzoekers geven aan dat de behoefte aan lwoo en pro zich het beste laat meten door te kijken naar de mate van leerachterstand en de cognitieve capaciteit van een leerling. Vervolgens laten zij zien dat leerachterstand en (in beperkte mate) IQ samenhangen met kenmerken van het ouderlijk milieu, en deze kenmerken ongelijk zijn verdeeld over het land. De conclusie van de onderzoekers is dat de middelen voor lwoo en de ondersteuningsmiddelen voor pro niet gelijk moeten worden verdeeld over de samenwerkingsverbanden; een bekostigingssystematiek zou rekening moeten houden met sociaal-economische aspecten, zoals het opleidingsniveau van de ouders, in de regio.

Gevolg voor de verdere inpassing van pro in passend onderwijs
Eerder was aangekondigd dat er nog binnen deze kabinetsperiode een wetsvoorstel zou worden ingediend, met daarin:

  1. de nieuwe bekostigingssystematiek;

  2. het loslaten van de criteria en duur voor lwoo en pro en de lwoo-licenties per augustus 2018.

    Het onderzoek van NRO geeft een aantal bouwstenen voor een nieuwe bekostigingssystematiek, maar er is meer tijd nodig om te komen tot de daadwerkelijke invulling van een bekostigingsmodel. Hierdoor is het niet haalbaar om nog deze kabinetsperiode een wetsvoorstel in te dienen. Dit betekent dat ook het loslaten van de landelijke criteria en duur voor de toewijzing van lwoo en pro en de lwoo-licenties naar achteren verschuift.  

    Tot de inwerkingtreding van een nieuwe wetswijziging, blijven de landelijke criteria en duur voor lwoo en pro bestaan, en blijft de huidige bekostigingssystematiek in tact. Er verandert voorlopig dus niets ten opzichte van de huidige situatie. Voor lwoo blijft de mogelijkheid tot opting out bestaan (het zelf bepalen van criteria, duur of licenties). Voor pro is deze mogelijkheid er niet.

    Vervolgtraject: gesprekken met scholen en samenwerkingsverbanden

Bekostigingssystematiek
Deze zomer zal OCW samen met de VO-raad een voorstel uitwerken voor een nieuw bekostigingsmodel. Na de zomer zullen hierover gesprekken worden gevoerd met scholen en samenwerkingsverbanden. Centraal staan hierbij vragen als: is het voorgestelde model uitvoerbaar, is het transparant, is er voldoende draagvlak?

Bredere inpassing van lwoo en pro in passend onderwijs en verkenning praktijkonderwijs
In de gesprekken die na de zomer gevoerd zullen worden, zal ook ingegaan worden op de verdere inpassing van lwoo en pro in passend onderwijs. Zo zal er gesproken worden over de manier waarop de landelijke criteria moeten worden losgelaten.

Daarnaast zal er specifiek voor het pro verkend worden waar deze schoolsoort voor staat of zou moeten staan in een veranderende omgeving (o.a. passend onderwijs, de participatiewet, en ontwikkelingen in het mbo). Met een verdere inpassing van pro in passend onderwijs kan er binnen de samenwerkingsverbanden nog meer maatwerk worden geleverd. Het pro kan in elke regio net een andere kleur hebben met een ander ondersteuningsprofiel, passend bij het netwerk van voorzieningen in die regio. Daarmee komt wel de vraag op wat de gemene deler van de schoolsoort pro is, oftewel: wat is het fundament van het pro? Vragen die hierbij spelen zijn: waar leidt pro haar leerlingen toe op, is er behoefte aan een eigen curriculum voor het pro, is de manier waarop het pro is vastgelegd in de WVO wel toekomstbestendig? Hiertoe zullen OCW, de VO-raad en de Personele Unie Praktijkonderwijs gezamenlijk gesprekken organiseren. Deze zomer ontvangt u hierover meer informatie.

In het voorjaar van 2017 zal vervolgens een voorstel worden uitgewerkt voor de vervolgstappen m.b.t. de inpassing van lwoo en pro in passend onderwijs.

Meer informatie:
Voortgangsrapportage passend onderwijs
Factsheet bekostiging

 

Nieuwsarchief

Contact

  • Bureau Landelijk Werkverband Praktijkonderwijs

    Anita Zeeman
    Postbus 482
    5201 AL  's-Hertogenbosch
    M  06-20436128
    Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.